Met de Hollandse slag ga je harder vooruit dan met de Franse slag

Een beetje meer Franse slag in het begrotingsbeleid wijst een bomvolle Lounge van 200 mensen op de Rijksacademie vrijdagmiddag 23 september af. Het is een jaarlijkse traditie van de Rijksacademie om op de derde vrijdag van september een congres te organiseren over de Miljoenennota. Dit keer gaat het ook over het advies van de studiegroep Begrotingsruimte voor het begrotingsbeleid voor een volgend kabinet. Onder leiding van de ingewijde middagvoorzitter Stan Kaatee, financieel raadadviseur bij het ministerie van Algemene Zaken, zijn de sprekers en de zaal duidelijk voor ‘een Hollandse slag’ van begroten zoals de studiegroep Begrotingsruimte adviseert. De meer Franse slag van begroten, waar recent een pleidooi voor werd gehouden door een aantal economen van de ING en onder andere door hoogleraar Bas Jacobs van de Erasmus Universiteit, krijgt amper steun.

Klaas Knot, de president van de Nederlandsche Bank, wijst er op dat als wij net als Zweden en Denemarken hadden gezorgd voor grotere begrotingsoverschotten tijdens de vorige periode van hoogconjunctuur, het begrotingsprobleem veroorzaakt door de recessie beter te overzien zou zijn geweest. “Nederland heeft gewoon rekening te houden met het feit dat de economische groei en begroting gevoeliger is voor schommelingen dan die van alle andere Europese landen. Gemiddeld verslechterde het saldo met 3,7% BBP tijdens alle voorgaande crises, de laatste keer zelfs met 5,5% BBP. Nederland moest wel ingrijpen – procyclisch of niet – om ‘ahead of the curve’ te blijven en het vertrouwen van de markt te houden.”

De middag start met een vlotte toelichting op de Miljoenennota door Dick Kabel, hoofd van de afdeling Begrotingsbeleid. Aan de hand van een veelheid aan tabellen en grafieken laat hij zien dat er sprake is van herstel in de economie en daarmee ook van de overheidsbegroting. Het kabinet heeft dit voorjaar een enorm ruilvoetprobleem moeten oplossen, maar tegelijk geld weten uit te trekken voor koopkrachtherstel voor bijna alle inkomensgroepen van 1% BBP, zorg, veiligheid en onderwijs. Het tekort is teruggedrongen van 4% BBP aan het begin van de kabinetsperiode tot onder de 1% BBP. De reële overheidsuitgaven zijn weer terug op het voorziene niveau bij aanvang van de kabinetsperiode, maar de samenstelling is flink gewijzigd. We houden ons netjes aan de Europese begrotingsregels. Peter van den Berg van de Raad van State nuanceert dit in verkeerstermen: “Vele seinen staan op groen, maar sommigen op oranje. Waar sprake is van oranje rijden wij te hard net als de chauffeur die 52 km per uur rijdt daar waar hij 50 km mag rijden. Wij krijgen alleen geen bekeuring van Brussel omdat de afwijking te klein is en binnen de foutenmarge valt.”

Myrthe de Jong en Allard Postma, de secretarissen van de studiegroep Begrotingsruimte, nemen de zaal mee door een blik te werpen in de toekomst. Allard Postma: “Het is goed ons te realiseren dat de structurele groei lager is dan in het verleden en de Europese begrotingsregels strenger.” Myrthe de Jong: “Daarom adviseren wij in de regels afstand te houden van de Europese grenzen. Dit is ook mogelijk want in het pad van het Centraal Planbureau komen wij uit op een overschot van 0,6% BBP in 2021 en daalt de schuld naar 54% BBP.” Net als de studiegroep Begrotingsruimte dringen Peter van den Berg van de Raad van State en Klaas Knot, president van de Nederlandsche Bank aan op verdere hervormingen: van de arbeidsmarkt, de woningmarkt, klimaat en energie en de zorgsector. Daarmee is er vol steun voor het advies van de studiegroep Begrotingsruimte. Wouter Koolmees van D’66 sluit zich aan bij de oproep tot verder hervormen en is trots op de hervormingen van de afgelopen jaren. Fijntjes merkt hij op: “tot stand gekomen door de steun van de oppositie.”

Secretaris-Generaal Manon Leijten van het ministerie van Financiën vat de middag samen: “Ik ben tevreden. Er is sprake van herstel, wij hebben ons als Nederland gehouden aan de Europese begrotingsregels, de oppositie is deze middag in de persoon van Wouter Koolmees mild en Klaas Knot steunt volledig het advies van de studiegroep Begrotingsruimte.”